Het ideaalplaatje voor veel trainers is om te scoren uit een aanval over veel schijven, beginnend bij de eigen keeper. Maar ook een doelpunt uit een snelle tegenaanval kan prachtig zijn, én effectief. Hoe zorg je er als team voor dat je vaak gevaarlijk wordt uit de counter? De Voetbaltrainer bespreekt vijf basisvoorwaarden.

  1. Ruimte achter de defensie

Het is erg lastig counteren tegen een tegenstander die weinig ruimte weggeeft tussen de keeper en laatste lijn. Juist die ruimte is nodig om spelers in weg te steken. Door het verdedigende blok terug te halen, bijvoorbeeld tot op eigen helft, wordt de tegenstander uitgelokt om in balbezit ver naar voren te spelen. Daarmee ontstaat er ruimte als de bal wordt veroverd.

  1. Spelers die de counter inleiden

Je kunt met je team laag op het veld verdedigen, maar als de bal niet wordt veroverd, ontstaan er ook geen counterkansen. Daarom zijn spelers nodig die ballen kunnen afpakken. Vaak is er daarna nog even een korte combinatie of dribbel nodig om de counter in te leiden. Stel dat de linksback de bal verovert in een 1:1-duel met de rechtsvoor. Dan volgt er vaak eerst een pass, bijvoorbeeld naar de linkshalf, of een korte versnelling met bal, alvorens de bal diep wordt gespeeld. Spelers die ballen veroveren én die zich direct aanspeelbaar maken in de counter, zijn cruciaal.

  1. Juiste veldbezetting 

Neem een team in gedachten met een balvaste, statische spits en twee snelle buitenspelers. Als die buitenspelers in defensief opzicht telkens ver mee terug lopen om de opkomende backs van de tegenstander op te vangen, staan zij uit positie op het moment dat de bal wordt veroverd. Om gevaarlijk te worden in de counter, helpt het als spelers met snelheid, diepgang en/of loopvermogen tijdens het verdedigen centraal spelen, het liefst zo hoog mogelijk op het veld. (Zie de veldbezetting in de afbeelding bovenaan, waarbij dat links niet het geval is en rechts wel.)

  1. Verticale passing

Het grote voordeel in de tegenaanval is dat de tegenstander ongeorganiseerd staat: middenvelders gaan diep, backs komen op en buitenspelers komen in de bal. De gewenste defensieve organisatie is direct na balverlies nog niet aanwezig. Daarom is het belangrijk daar snel van te profiteren. Gaat de bal eerst een paar keer breed of achteruit, dan krijgt de tegenstander de tijd om weer achter de bal te komen. Met verticale passing, oftewel passes richting het doel van de tegenstander, kan er beter worden geprofiteerd van de desorganisatie bij de tegenstander.

  1. Diepteloopacties achter de verdediging

Het is dus belangrijk dat snelle spelers op posities staan waarop zij zich goed kunnen inschakelen in de tegenaanval. Daarmee zijn zij er nog niet. Om verticale passes te kunnen geven, het liefst achter de verdediging van de tegenstander, zijn diepteloopacties nodig. Als spelers met snelheid sprints inzetten en goed worden bediend, zijn zij amper nog te achterhalen. Als gevolg van de desorganisatie van de tegenstander ligt er bovendien meer ruimte dan in een geduldige aanval.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.