Dit stuk bevat passages uit een groter artikel uit De Voetbaltrainer 264.

Tijdens de voorbije Africa Cup Of Nations groeide het nationale voetbalelftal van Gambia uit tot dé verrassing van het toernooi. Het nietige voetballand – slechts nummer 150 op de FIFA-wereldranglijst – haalde de kwartfinale van het Afrikaanse landenkampioenschap. Daarin verloor debutant Gambia eervol van gastland Kameroen (0-2). Aan het roer van de Gambiaanse selectie staat sinds 2018 de Belgische coach Tom Saintfiet. Daags na de uitschakeling van zijn team vroegen we hem een inkijkje te geven in zijn manier van werken. Want hoe maak je van een voetbaldwerg een potentiële reuzendoder?

Voorbereiden

Ongeacht waar ik ga werken bereid ik mij enorm gedetailleerd voor. Dat doe ik door alle spelers en stafleden bij naam en van gezicht te leren kennen. Ik verdiep mij in hun achtergrond, waar ze opgeleid zijn, waar ze gespeeld of gewerkt hebben, hoe oud ze zijn. In korte tijd stamp ik dat als het ware erin. Daarnaast kijk ik goed naar de cultuur van het land, probeer de taal alvast te leren en analyseer de stijl en wijze van voetballen. Of Gambia een eigen huisstijl had, toen ik hier ging werken? Zoals zoveel landen in Afrika houden ze ook in Gambia van tiki-taka voetbal. Gambia speelde voordien leuk voetbal, maar verloor met 4-0 van Zuid-Afrika. Dat wilde ik niet. Ik wil winnen. Dus toen ik in Gambia kwam, heb ik direct gezegd: met tiki-taka voetbal is het niet realistisch om te verwachten dat we gaan winnen.

Stevig huis

Een defensief sterke organisatie is geen doel op zich, maar een middel om vanuit zo’n organisatie gevaarlijk te kunnen worden. Het is als met het bouwen van een huis. Je moet een goede fundering hebben, vooraleer je de muren neerzet en het huis verder kunt gaan inrichten. Het huis moet stevig zijn. Dat probeer ik als eerste voor elkaar te krijgen. Maar ik wil niet enkel verdedigen. Je krijgt als team immers vertrouwen in een speelwijze, als je er resultaten mee boekt. Dus als je alleen maar zou verdedigen, maar toch telkens met 1-0 verliest, dan groeit er juist geen vertrouwen. Nee, ik heb dat fundament gelegd om te kunnen aanvallen.

In korte tijd trainen

Voordat ik met het team over speelwijze, strategie en tactiek heb gesproken, heb ik eerst nog iets anders gedaan. In de voorbereiding naar mijn eerste wedstrijd met Gambia, in 2018 tegen Algerije, heb ik eerst een stevige doelstelling geformuleerd: ‘Ik wil dat we ons kwalificeren voor de Afrika Cup.’ En dat terwijl die spelers jaren geen wedstrijd gewonnen hadden! En ik zei: ‘Ik heb er een plan voor. En als jullie dat plan gaan volgen, wordt de kans groter dat we dat doel halen. Vervolgens heb ik in mijn eerste besprekingen mijn visie verder toegelicht. In grote lijnen is dat een 1:4:2:3:1-formatie, die bij balverlies verandert in een 1:4:5:1, en waarin spelers kort bij elkaar staan en eigen zones hebben waarvoor ze verantwoordelijk zijn. Ik besteed in de trainingsopbouw veel aandacht aan het fundament, aan de organisatie van het team. Dit doe ik door te beginnen met een oefenvorm 11:0 (zie afbeelding). Hierin zet ik de spelers op hun positie neer en let goed op de onderlinge afstand van ongeveer tien tot twaalf meter.

Al 39 jaar is De Voetbaltrainer hét vakblad voor de toegewijde trainer/coach. Het magazine komt acht keer per jaar uit en bevat 80 pagina’s vol interviews met toptrainers, voetbal oefenstof en analyses.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.