Zo’n tien jaar geleden liet Arne Slot met een groot interview in De Voetbaltrainer zien dat hij zijn tijd ver vooruit was. In theorie, althans. In de jaren die volgden toonde hij dat ook in de praktijk aan. Bij SC Cambuur, AZ Alkmaar, Feyenoord en Liverpool koppelde hij attractief voetbal aan uitstekende resultaten. Tot vorig seizoen de resultaten tegen de verwachting in minder werden. Het deed de leiding van Liverpool besluiten voor een andere trainer te kiezen. Dat biedt Slot nu de tijd voor reflectie op een serie bewogen seizoenen. En voor een tweede interview in De Voetbaltrainer, ditmaal met een Premier League-titel achter zijn naam. We spreken Slot tweemaal in zijn woonplaats Zwolle, waar hij uitgebreid de tijd neemt om te vertellen over onder meer zijn visie als trainer, zijn tijd bij Liverpool en de ontwikkelingen in het mondiale voetbal. Vanwege jubileumeditie 300 van De Voetbaltrainer lichten we een drietal fragmenten uit. In deel 3: drie spelsituaties uitgelegd.
Dit stuk bevat passages uit een groter artikel uit De Voetbaltrainer 300.
Zomaar ontstaan
‘Wat trouwens wel grappig is: soms ontdek je ook dingen die – als je het aan de trainer of spelers zou vragen – helemaal niet vooraf bedacht zijn, maar gewoon zijn ontstaan. Dat vind ik dan extra interessant, want als het werkt, dan wil je dat natuurlijk ook structureel toepassen en er specifiek op trainen. Zo keek ik naar PEC Zwolle-NEC. Nick Viergever dekte als linker centrale verdediger vaak door op Tjaronn Chery, NEC’s rechter 10 (tekening 1). Als de lange bal kwam, ging die vaak naar de kant van Viergever, die dan terugstapte, waardoor Chery de tweede bal kon oppakken. Ik heb het niet nagevraagd, maar waarschijnlijk gebeurde dat onbewust. Dan kijk ik daarnaar en denk ik: even onthouden!’

Bepaalde patronen van vroeger
‘Soms zijn er ook bepaalde patronen die je vroeger toepaste, maar die je alweer wat vergeet. Terwijl dat ook bij je nieuwe team heel goed kan werken. Zo hadden wij een mooi patroon bij Feyenoord, met Quinten Timber (tekening 2). Als de linker centrale verdediger indribbelde, bewoog Timber eerst wat naar buiten toe, om zijn tegenstander mee te nemen. Vervolgens speelden we hem aan de binnenkant in en kon hij zijn tegenstander als draaischijf gebruiken om hem kwijt te raken.’

De Saka-bal
‘Zoals veel trainers houdt Mikel Arteta niet van de bal langs de zijlijn, van de back naar de buitenspeler. Zoals besproken in het vorige artikel in De Voetbaltrainer wil ik vaak vanaf de back eindigen in de hotzone aan de contrakant. De beste optie om daar te komen vond ik vaak via een middenvelder. Maar Arteta kwam al op de trainerscursus met een mooi alternatief, waarbij je wel de buitenspeler inspeelt, maar die niet in de verdrukking komt (tekening 3). De buitenspeler maakt een vooractie en komt dan naar de bal toe. De back speelt hem aan de binnenkant in, in de loop, waarna hij de bal direct meeneemt naar binnen. Ik noem dat de Saka-bal, omdat Bukayo Saka dit vaak heel goed doet. Die kan vervolgens alsnog de hotzone aan de contrakant bereiken.’

Dit stuk bevat passages uit een groter artikel uit De Voetbaltrainer 300.

Leer van de beste trainers
- Acht keer per jaar op de mat
- Interviews, oefenstof en analyses
- Korting op online cursussen
- LCD Tactiekbord Voetbal cadeau
- Inclusief abonnement op CoachVak
- Inclusief abonnement op VBT Basis
