#Groepstraining #AanvallenLeestijd ≈ 8 minuten (1549 woorden)

Trainingsvormen

Roeland ten Berge: “De meest effectieve manier om de speelwijze te ontwikkelen, is door middel van je oefenstof tijdens de trainingen. Daarin probeer ik heel creatief te zijn, telkens nieuwe vormen te vinden om de manier van spelen te vertalen naar het trainingsveld. We beginnen de training altijd met een klein positiespel, bijvoorbeeld 7:2. Dat bouwen we dan uit naar 6:3 om de weerstaand te verhogen. Centraal staan vooral technische aanwijzingen: op de voorvoet staan, goede been inspelen, ingedraaid staan, geen draaiballen geven, strak inspelen, enzovoort. Als er minder spelers op de training aanwezig zijn, dan starten we bijvoorbeeld met 5:2 in twee groepen en bouwen we dat uit naar 6:6+2 in één groep. Een regel die ik vaak invoer, is dat spelers na een pass naar een andere lijn bewegen. Dat komt het uitgangspunt ‘inspelen en doorbewegen’ ten goede. Voor het voetbal dat ik voor ogen heb, is explosiviteit erg belangrijk. Ik doe zelden losse loop- en coördinatievormen, omdat spelers dan telkens weer bij een rijtje aansluiten. Dat werkt niet motiverend. Daarom combineer ik oefeningen voor het verbeteren van kort voetenwerk en sprongkracht en de voetbalconditionele sprints van Raymond Verheijen vaak met pass- en trapvormen en afwerkvormen. Dan zet ik een circuit uit met onder meer hekjes en stokken. De pass- en trapvorm die voorafgaat aan het afronden doe ik met poppen of paaltjes waarachter je vandaan beweegt. Die fungeren als tegenstanders en maken het pass- en trappen wedstrijdechter (zie trainingsvorm 1). De belangrijkste uitgangspunten daarbij zijn het uitspelen van de tegenstander, het vormen van driehoeken en één keer raken.”

Gerelateerde artikelen