De Voetbaltrainer 245

Pagina 72 van: De Voetbaltrainer 245

www.devoetbal trainer.nl72 voorbeeld clubs in de Bundesliga toch zaken als de Packingrate zwaar mee laten wegen in de beslissing om een speler te kopen.’ Een andere voetbalwijsheid waar we wat Goes betreft kritischer op mogen ...

www.devoetbal trainer.nl72

voorbeeld clubs in de Bundesliga toch

zaken als de Packingrate zwaar mee

laten wegen in de beslissing om een

speler te kopen.’

Een andere voetbalwijsheid waar we

wat Goes betreft kritischer op mogen

zijn, is die van het ‘in balbezit groot

maken en bij balbezit tegenstander

klein maken’.

Groot en klein
‘Het groot maken van het veld in balbe-

zit, en het klein maken van het veld bij

balbezit van de tegenstander, zijn op-

vattingen die decennialang verankerd

zijn in de trainersopleidingen en in de

trainerswereld. Interessant is het om

te onderzoeken hóe groot ‘groot’ dan

is en hoe klein ‘klein’ is. Want je kunt

het veld ook té groot maken in lengte

en breedte, waardoor je bij balverlies

ineens heel kwetsbaar bent doordat er

te veel spelers voor de bal staan. Ook

bij het klein maken van het veld kun

je je afvragen in hoeverre dat een va-

lide principe is. Want is het wel zo dat

je beter verdedigt als je het veld klein

maakt? Of kan het veld ook té klein

zijn? Als we eerlijk zijn, moeten we nu

concluderen dat we maar wat verzin-

nen met elkaar. Net als de afstand

tussen verdedigers en middenvelders.

Waarom wil een trainer-coach dat dat

maximaal 25 meter is en geen 20? Op

termijn wordt het mogelijk om hier dus

wél gericht wat over te zeggen.’

Verplaatsen in de drukte
‘Naast groot maken en klein maken,

is een derde ‘waarheid’ die van het

verplaatsen van het spel. Als het aan

een kant druk is, is het gebruikelijk

om het spel te verleggen naar de an-

dere kant van het veld, omdat dáár

de ruimte is. Vaak gebeurt dit in de

praktijk relatief traag en met voorspel-

bare passes, en kun je je dus ook hier

afvragen hoe effectief het is en hoe

‘waardevol’ de ruimte aan de andere

kant van het veld is. Zo zou je door

de bal op een kant te houden, of naar

achteren te spelen aan dezelfde kant,

ook de tegenstander als het ware kun-

nen lokken waardoor er ruimte in de

as of tussen de linies ontstaat.’ *

Vijfsecondenregel
‘Als je het dan hebt over een voet-

balprincipe dat met het blote oog wel

goed waar te nemen is, dan hebben

we het over de vijfsecondenregel.

Trainer-coaches en teams hanteren

deze regel met grote regelmaat. Maar

daar gaan we weer: waarom vijf se-

conden en niet vier, of drie? Als je

veel wedstrijden bekijkt, kun je con-

cluderen dat vijf seconden nogal lang

is. Zeker bij de topteams, daar waar

de handelingssnelheid heel hoog ligt.

In Duitsland zijn de vijf seconden al

vervangen door vier. En bij FC Barce-

lona of Manchester City zitten ze in

de praktijk al op twee. Om maar aan

te geven: je kunt wel een principe op-

stellen, maar is het reëel?’

Naast aannames op teamniveau, vin-

den aannames zoals gezegd ook op

individueel niveau plaats. Floris Goes

komt met een concreet voorbeeld.

Opgehaald
‘Een trainer-coach heeft in zijn manier

van spelen een belangrijke rol weg-

gelegd voor de 6, die het spel verdeelt.

Hij wil dat de ploeg probeert om die

6 rond de middencirkel (zie tekening

1) aan de bal te krijgen. Bijvoorbeeld

omdat de trainer-coach vanuit een

bepaalde overtuiging denkt en vindt

dat de 6 vanaf díe plek gevaarlijk kan

worden via de steekbal. Uit analyses

kan echter blijken dat van alle passes

die hij geeft, juist de passes waarbij

hij eerst de bal heeft opgehaald (zie

tekening 2) waardevoller zijn. Dus

de door de trainer-coach gewenste

positie is niet optimaal. Voor trai-

ners, maar ook voor clubs, is dit zeer

waardevolle informatie. Want doorde-

weeks worden bijvoorbeeld complete

aanvalsstrategieën opgetuigd om zo’n

6 maar rond die middencirkel aan de

bal te krijgen.’

In De Voetbaltrainer 239 vertelde

bondscoach Ronald Koeman over de

principes die bij Oranje gehanteerd

worden tijdens het aanvallen en ver-

dedigen. Deze principes zijn door een

team Nederlandse onderzoekers en

analisten gebruikt in de Hackathon,

die rond de op 6 september gespeelde

interland Duitsland – Nederland

D A T A

De 6 krijgt de bal in de middencirkel aangespeeld.

1

* Over exact dit principe ver-

scheen in De Voetbaltrainer 239

reeds eerder een artikel met Floris

Goes, onder de naam: Hernieuwde

definitie van een goede pass.’

Goes legt daarin uit: ‘Spelers die

voorwaartse passes geven, wor-

den in het hedendaagse voetbal

overgewaardeerd. Ook een bal-

letje terug kan voor ruimte zorgen

bij de tegenstander. En des te gro-

ter de ruimte die ontstaat, des te

groter de kans op een geslaagde

aanval.’

70-71-72-73_goes.indd 72 16-10-19 14:25