De Voetbaltrainer 246

Pagina 75 van: De Voetbaltrainer 246

D e V o e t b a l t r a i n e r 2 4 6 2 0 1 9 75 rijkste uitdaging was hoe we konden voorkomen dat de fysiek sterke en balvaste centrumspits Soriano steeds in de bal zou kunnen komen. De twee verdedigende middenvelders kregen ...

D e V o e t b a l t r a i n e r 2 4 6 2 0 1 9 75

rijkste uitdaging was hoe we konden

voorkomen dat de fysiek sterke en

balvaste centrumspits Soriano steeds

in de bal zou kunnen komen. De twee

verdedigende middenvelders kregen

de opdracht om zo kort mogelijk tegen

de eigen verdediging te spelen. En we

hebben extra het coachen van achter-

uit getraind, zodat onze middenvel-

ders wisten hoe ze de ballijn naar die

spits konden afschermen. Uiteraard

hebben we in die voorbereiding ook

de nodige aandacht aan de spelher-

vattingen besteed. We toonden de

spelers met wedstrijdbeelden aan dat

VVV Venlo bij hoekschoppen de palen

niet bezette en er extra veel ruimte

bij de tweede paal lag. Voor het se-

lecteren van die wedstrijdbeelden en

de mogelijke penaltyserie deden we

een beroep op de videoanalist van

Roda JC, Lance Cobben. Van de meeste

penaltynemers bij VVV vonden we

in het FOX-archief maar één penalty.

We hebben toen op een avond bij mij

thuis bij sommige spelers ook gezocht

naar penalty’s die ze vóór hun periode

bij VVV namen. Zo ontdekten we dat

VVV’er Haji Wright niet alleen dit sei-

zoen maar ook eerder drie keer bij een

andere club steeds voor dezelfde hoek

koos. De geweldige redding van onze

keeper Lennart Quaden op basis van

die voorinformatie bleek uiteindelijk

beslissend.’

Metamorfose
Drie dagen na dit interview moest Groene

Ster half november thuis aan de bak

tegen Jong ADO Den Haag, na drie verlo-

ren duels op rij opnieuw een sleutelduel.

Dit stond een dag erna in Dagblad De

Limburger: ‘Wat er in de rust van het

spectaculaire duel in de kleedkamer van

de thuisclub is gebeurd, zal een mysterie

blijven. Feit is dat Groene Ster na de rust

als herboren op de veld stond, de gasten

met de rug tegen de muur zette en dankzij

twee benutte strafschoppen de drie punten

in eigen huis hield (3-2).’

Maurice Verbunt: ‘Ook deze beladen
wedstrijd bereidden we voor op basis

van onze vaste spelprincipes. We wil-

den Jong ADO op eigen helft niet laten

voetballen door met de linies kort op

elkaar te spelen en veel in de duels te

komen. Dat werkte de eerste helft niet.

We werden soms zelfs overlopen.

In de rust heb ik aangegeven dat er iets

moest veranderen en dat we onze ei-

gen visie een keertje moesten loslaten.

Deze wedstrijd vroeg iets anders van

ons. Mijn mening was dat we man-

op-man moesten gaan spelen en druk

vooruit moesten zetten, al was eerder

gebleken dat we dat nog niet zo goed

beheersen. In zulke situaties ga ik de

dialoog met de groep aan. Je moet het

wel met elkaar eens zijn voordat je

weer op het veld staat. Het werd snel

duidelijk dat er verschil van mening

was. Jorrit Ritzen en Kjell Knops heb-

ben toen gestimuleerd met zijn allen

toch voor mijn tactische oplossing te

gaan. Zelf heb ik nog aangegeven dat

we in de tweede helft altijd nog kon-

den terugvallen op onze spelprincipes

als zou blijken dat het alternatief niet

werkte. Het was mooi te zien hoe de

groep er vervolgens mee omging. Als

we eenmaal iets hebben afgesproken,

gaan we er blijkbaar allemaal voor. Om

heel trots op te zijn.’

Samenvatting:
• Amateurtrainer Maurice Verbunt

is aan z’n vijfde achtereenvol-
gende seizoen in de top van het
amateurvoetbal bezig waarin hij
succesvol is. De Voetbaltrainer
volgt hem dit seizoen bij het
debuut van Groene Ster in de
Derde Divisie.

• VVV Venlo werd in de beker uit-
geschakeld, volgende ronde is
uit bij AZ.

• Niet de formatie of speelwijze
maar de spelprincipes zijn bij
Verbunt leidend.

• Groene Ster heeft een lage be-
groting voor de Derde Divisie.
Hoe ga je als trainer om met
de beperkingen die dit met zich
meebrengt?

• De komende winterstop is voor
Groene Ster extreem kort. Welke
concessies kun en moet je dan
doen?

Trainingsaccenten
‘Ik houd me doorgaans redelijk strak aan de periodisering. De voorbereiding op de eerste competitiewedstrijd na de

winterstop is nu zo kort dat we verplicht zijn versneld de stap van duur naar explosief en interval te maken. We kun-

nen maar vier keer trainen in die periode.

• Bij de sprintvormen starten we met 6 x 60 meter (op 60%), met steeds 60 seconden rust tussen de sprints.

• Bij het positiespel beginnen we groot, bijvoorbeeld 8:8 in een ruimte van 40 x 30 meter. Van punt zestienmetergebied

tot aan de middenlijn.

• Op vrijdag 3 januari zal zeker ook een grote partijvorm van 10:10 worden gespeeld.

• Daarna schakelen we sneller dan aan het begin van het seizoen over op 7 x 50 meter (op 70%) en 50 seconden rust.

• Uiteindelijk komen we in die opbouw uit bij sprints van 8 x 40 meter, 9 x 30 meter en 10 x 20 meter met steeds minder

rust tussendoor. En voor de positie- en partijvormen bij steeds kleinere ruimtes.

• De testen op het veld zijn onderdeel van de training op zondag 5 januari. Daar reserveren we 30 tot 45 minuten voor.

Aansluitend zal het in het tweede deel van die training meteen al wat explosiever worden.

• Na de oefenwedstrijd op 7 januari wordt de verplichte donderdagtraining op 9 januari vooral ingevuld door 3:3 en 2:2

partijvormen, korte positiespelletjes in de kleine ruimte en de 10 x 20 meter sprints. Dat luistert heel nauw qua belas-

ting, want de conditionele prikkel mag drie dagen voor de wedstrijd niet te groot worden.

• Vrijdag 10 januari zal in het teken staan van een tactische training in de aanloop naar de wedstrijd tegen O.S.S. ’20,

twee dagen later.’

70-71-72-73-74-75_groenester.indd 75 04-12-19 09:27