De Voetbaltrainer 247

Pagina 16 van: De Voetbaltrainer 247

www.devoetbal trainer.nl16 er nodig is geweest om deze situatie te bereiken. Dat komt niet vanzelf, maar enkel door hard werk. Als je dat vergeet, zal het ook snel weer bergaf- waarts gaan. Daar heb ik uitgebreid over gesproken me...

www.devoetbal trainer.nl16

er nodig is geweest om deze situatie

te bereiken. Dat komt niet vanzelf,

maar enkel door hard werk. Als je dat

vergeet, zal het ook snel weer bergaf-

waarts gaan. Daar heb ik uitgebreid

over gesproken met mijn spelers-

groep. Een flow is goed, enthousiasme

daarover ook, maar voetjes op de

grond en op hetzelfde niveau blijven

werken. Dat vind ik heel belangrijk en

het is even belangrijk dat mijn spelers

dat weten. Met een eventuele dip die

zou kunnen volgen, ben ik niet bezig.

Je hebt daar toch geen vat op. Het

enige wat je kunt doen, is mentaal

en fysiek klaar zijn voor het volgende

moment. Dat is sowieso voor de vol-

gende wedstrijd. Ook voor een periode

die volgt, maar op een andere manier.

Je mag niet te ver vooruit kijken, want

dan verlies je de focus op waar je mee

bezig bent. Dan struikel je bij wijze

van spreken over hetgeen wat voor

je voeten ligt, zeg ik altijd tegen mijn

spelers. Als je over de obstakels stapt

die voor je voeten liggen, dan ga je

stap-voor-stap vooruit en kom je er

op het einde wel. Aan de andere kant:

enthousiasme is goed. Enthousiasme

is (zelf)vertrouwen, plezier, lef. Dat is

enkel positief, maar het moet wel ge-

kanaliseerd blijven. Dat betekent dan

weer realisme, blijven hameren op

arbeid en ook de minder leuke dingen

op training blijven doen. Het is mijn

taak als trainer om de spelers daar op

te (blijven) wijzen.’

Tactiek
Vrancken heeft een structuur neergezet

waarbij veelal met twee centrale spitsen

én twee centrale middenvelders wordt ge-

acteerd. Dat zijn ploeg in balverlies op die

positie in ondertal komt, vindt hij niet erg.

Verder hecht hij op training en in wed-

strijden veel belang aan enerzijds intensi-

teit en anderzijds aan hoog drukzetten en

in blok verdedigen.

‘Een deel van de succesverklaring van

het lopende seizoen is dat we vorig

seizoen een duidelijk spelconcept heb-

ben opgezet en dat de meeste spelers

elkaar en het systeem kennen. Maar

daar waar we vorig seizoen absoluut

punten moesten pakken, is dat nu iets

minder acuut het geval. Dat zorgt er-

voor dat we nog iets beter onze eigen

spelprincipes trouw kunnen blijven,

en dat we nog iets meer drang naar

voren vertonen. Mijn gameplan blijft

hetzelfde, al evolueert het wel naar-

gelang nieuwe inzichten en omstan-

digheden. De principes blijven, maar

afhankelijk van welk type spelers je

hebt, moet je dat anders invullen. Dat

is waar we op training hard op inzet-

ten. Spelsystemen zijn één ding, maar

het draait om welke taken je spelers

geeft en hoe ze die vervullen. Veel

draait om intensiteit. Dat is de belang-

rijkste factor om er iets boeiends van

te maken voor de toeschouwers, en

zeker bij een volksclub als KV Meche-

len. De manier waarop je voetbalt, is

belangrijk. Maar dat houdt evengoed

verband met het voetbal dat ik wil

zien, want als je intensiteit te laag is,

lopen je spelers te ver uit elkaar en

valt de bal ertussen. Alles moet op

elkaar afgestemd zijn, iedereen moet

op hetzelfde moment ook hetzelfde

denken.

Voorin kies ik doorgaans voor twee

centrale spitsen, in tegenstelling tot

de meeste teams. Ik houd van een

georganiseerde chaos voorin, met veel

beweging en positiewissels. Zo krijg

je een tegenstander aan het twijfe-

len. Die animatie is een belangrijk

onderdeel van de spelprincipes en

kan ik het best schetsen via een trai-

ningsvorm. Laat duidelijk zijn: het is

geen vast stramien, maar er zijn wel

bepaalde afspraken die we maken. Op

een half veld met afgesneden flanken

spelen we 8+K : 8+K. Een neutrale

speler speelt mee met de ploeg in

balbezit. Het veld is verdeeld in vier

zones, waarbij een verdediger inspeelt

op een neutrale speler die vervolgens

de verbinding maakt met de aanval.

Als de 7 naar binnen snijdt, moet de

10 bijvoorbeeld in zijn plaats komen.

Als de 7 de bal krijgt, is hij verplicht

om vervolgens opnieuw van zone

te veranderen nadat hij de bal heeft

doorgespeeld. Op die manier creëer je

positiewissels en de georganiseerde

chaos waarover ik sprak. Na de aan-

val kun je de andere ploeg dan laten

opbouwen en aanvallen met dezelfde

principes. In een extensieveduurweek

spelen we dit bijvoorbeeld drie keer

zes minuten in underload. In een in-

tensieveduurweek doen we dat dan

drie keer vier minuten in underload.

In overload – dus bij een fysieke prik-

kel – kun je dat uitbreiden tot pakweg

drie keer vijftien minuten (EDT) en

vier keer zes minuten (IDT). (tekening

1)

Onze centrale middenvelders moeten

vooral spelers zijn die als tussensta-

B E L G I Ë

1

14-15-16-17_woutervrancken.indd 16 22-01-20 13:40