De Voetbaltrainer 248

Pagina 10 van: De Voetbaltrainer 248

www.devoetbal trainer.nl10 tekening 1) Gaat de bal terug naar de keeper, gaat de 9 op hem door. Wil je niet doorschuiven met je cen- trale verdediger, bijvoorbeeld omdat het vertrouwen in de ploeg onvol- doende is om 1-op-1 te kome...

www.devoetbal trainer.nl10

tekening 1) Gaat de bal terug naar de

keeper, gaat de 9 op hem door.

Wil je niet doorschuiven met je cen-

trale verdediger, bijvoorbeeld omdat

het vertrouwen in de ploeg onvol-

doende is om 1-op-1 te komen, kun je

het ondertal op het middenveld ook

oplossen door de buitenspeler aan de

niet-balkant op het middenveld te la-

ten komen. Voorbeeld: wanneer de bal

bij de rechtsback van de tegenpartij is

en de linksbuiten hem onder druk zet,

komt onze rechtsbuiten naar binnen

en pakt hij de vrijkomende midden-

velder op. Hij laat dus zijn back vrij.

(zie tekening 2) Zetten we niet met de

centrale verdediger druk maar met de

buitenspeler, zal de spits die drukzet

op de keeper dat in een zodanige lijn

moeten doen, dat de pass vanuit de

keeper naar de vrijstaande back be-

moeilijkt of zelf onmogelijk wordt.

Dit alles vergt echter een behoorlijk

bewustzijn van je buitenspelers, die

hier geen steken mogen laten vallen.

Kortom, je moet hier uitgebreid op

trainen en dan kom je weer uit bij de

factor ‘tijd’. Die heb je als interim-

trainer, zeker wanneer je het midden

in een reeks wedstrijden overneemt,

onvoldoende. Normaliter heb je zeker

een voorbereiding van zes weken,

maar in mijn eerste zes weken had ik

al vijf officiële wedstrijden.’

Tijd en ruimte wegnemen
‘Focussen we op het gedrag van de

ploeg bij balverlies, zie je dat we

daarin in bepaalde wedstrijden pro-

blemen hebben gehad. Je ziet spelers

teruglopen, terwijl ik dus liever wil

dat ze doordekken, om op die manier

tijd en ruimte bij de tegenstander weg

te nemen en te voorkomen dat de

creatieve spelers bij de opponent open

kunnen draaien en het spel kunnen

verleggen. Als wij in de aanval zijn en

je ziet dat een buitenspeler van de te-

genpartij achterin gaat assisteren, zie

ik ook het liefst dat mijn back alvast

doorloopt en dicht bij hem blijft. Dus

niet als het ware van een afstandje

naar voetballen gaan staan kijken,

maar direct doordekken en anticipe-

ren op de mogelijke volgende situ-

atie. Valt de bal eruit, dan kan hij die

buitenspeler hoog op het veld direct

onder druk houden. (zie tekening 3)

Dat vraagt een heel andere intensiteit

van je elftal, want het is veel zwaarder

dan teruggaan en spelen op de om-

schakeling. Die hogere intensiteit zul

je dus ook moeten vertalen naar de

trainingen.

Dat vooruit verdedigen waarover

ik het heb, betekent ook dat je met

ruimte in je rug moet durven te ver-

dedigen. Je ziet dat we ons dat nog

meer eigen moeten maken. En het

vergt enorm veel energie, en niet alle

spelers zijn gewend die energie door-

lopend te leveren. Wel in fases, zoals

bijvoorbeeld de eerste 25 minuten in

de thuiswedstrijd tegen Heerenveen.

Toen ging dat prima, maar je ziet het

wegvallen en het wordt van 2-0 zo-

maar 2-2. Dát het wegviel, had ook te

maken met verkeerde keuzes die we

maakten bij het drukzetten. We had-

den afgesproken om met drie aanval-

Doorstappen door de as, de favoriete wijze van drukzetten van Edward Sturing. De

10 stapt door op een centrale verdediger van de tegenstander, een middenvelder en

centrale verdediger dekken door. De backs knijpen.

P R O F V O E T B A L

1

2

Een alternatief bij drukzetten met 9 en 10. Niet de centrale verdediger dekt door,

maar de rechtsbuiten knijpt naar het middenveld en herstelt het evenwicht.

06-07-08-09-10-11-12-13_sturing.indd 10 04-03-20 11:39