De Voetbaltrainer 250

Pagina 39 van: De Voetbaltrainer 250

‘Nog even terug naar die scouts die verantwoor- delijk zijn voor clubs in hun eigen gebied. Het is ons streven om gedurende het seizoen alle clubs te bezoeken, en daarbij ook nog eens álle teams te zien. Met dit laatste bedoelen w...

‘Nog even terug naar die scouts die verantwoor-

delijk zijn voor clubs in hun eigen gebied. Het is

ons streven om gedurende het seizoen alle clubs

te bezoeken, en daarbij ook nog eens álle teams

te zien. Met dit laatste bedoelen we dat een scout

dus niet alleen naar een Onder 9-1 kijkt. Nee, juist

ook elftallen daaronder worden bekeken. Geregeld

is het nog zo dat spelers in het eerste jeugdelftal

fysiek net even wat verder zijn dan spelers uit een

lager team, of er voetballend al echt bovenuit ste-

ken. Maar als je, zoals wij doen, juist inzet op het

inschatten van potentie, zul je zeker ook de lagere

teams moeten bekijken. Het feit dat wij bij deze

teams kijken mag best een signaal naar clubs en

ouders toe zijn. Op jonge leeftijd gaat het in eer-

ste instantie om plezier en ontwikkeling, dát is de

drijfveer voor kinderen om te voetballen. In welk

elftal je speelt is, in elk geval voor ons dus, een

stuk minder van belang.’

‘Als je kijkt naar
potentie, dan moeten

ook de lagere teams in
kaart worden gebracht’

D e V o e t b a l t r a i n e r 2 5 0 2 0 2 0 39

‘De scouts worden op pad gestuurd met in het ach-

terhoofd de drie leerlijnen die we bij FC Groningen

hanteren (hierover op de volgende pagina’s meer, red.).

Binnen die drie leerlijnen kijken de scouts eerst vooral

naar de voetbalvaardigheden van de spelers. Wat zijn

de voetbaltechnische kwaliteiten in combinatie met het

spelinzicht? Daarnaast is ook het atletisch vermogen

belangrijk: beweeglijkheid, snelheid en explosiviteit. En

tot slot ook hoe de speler zich als voetballer gedraagt.

Denk daarbij aan de mate van betrokkenheid bij het

spel en spelplezier. Wil hij bij wijze van spreken elke

bal hebben, of wacht hij voornamelijk tot de bal naar

hem toe wordt gespeeld? Ik denk dat iedereen zich wel

kan voorstellen dat het scouten van jongere jeugd heel

lastig is. Vanwege de leeftijd en daarbij ook de weten-

schap dat die jonge spelers zich nog door kunnen ont-

wikkelen, proberen we vooral de potentie van een spe-

ler in te schatten. Hoe goed kan iemand in de toekomst

worden? Dit is belangrijker dan de spelers ‘op het hier

en nu’ te beoordelen. Bij dit inschatten krijgen we ook

ondersteuning vanuit de performance-afdeling van de

club, door bijvoorbeeld wetenschappelijke onderzoeken

met betrekking tot talentherkenning te bespreken met

elkaar. In die besprekingen komen ook onderwerpen als

het geboortemaandeffect naar voren.’

Inschatten

Lagere teams

De Jeugd VoetbalTrainer
F

o
to

’s
: S

te
rk

e
n

b
u

rg
M

e
d

ia

38-39_gro1.indd 39 10-06-20 15:39