De Voetbaltrainer 250

Pagina 47 van: De Voetbaltrainer 250

Voetbaltalent TRAINEN, COACHEN EN BEGELEIDEN Opbouwen en aanvallen, maar dan anders om wille van het balbezit! Nee, het gaat erom dat de tegenstander extra meters moet afleggen, achter de bal aanloopt en ons de gelegenheid geeft ...

Voetbaltalent
TRAINEN, COACHEN EN BEGELEIDEN

Opbouwen en aanvallen,
maar dan anders

om wille van het balbezit! Nee, het

gaat erom dat de tegenstander extra

meters moet afleggen, achter de bal

aanloopt en ons de gelegenheid geeft

nieuwe ruimte en overtalsituaties te

vinden. Balbezit als voorbereiding of

voorwaarde om straks tot een kans

te komen.’

Leermomenten
‘Tegen Portugal kregen we best

veel doeltrappen, maar we bleken

onvoldoende in staat om tot goed

positiespel van achteruit te komen.

Dat leverde dus meer omschakel-

momenten naar verdedigen op dan

D e V o e t b a l t r a i n e r 2 5 0 2 0 2 0 47Online: www.knvb.nl/assist

we zouden willen. De rechtermid-

denvelder van Portugal stapte uit op

onze linksback Owen Wijndal (5),

hun rechtsback kon onze linksbuiten

Justin Kluivert (11) bewaken en de

hoogspelende Deyovaisio Zeefuik (2)

kon worden opgevangen door hun

back aan hun linkerkant. Hierdoor

konden hun aanvallende midden-

velder en linkermiddenvelder onze

twee controleurs dekken. We hadden

wel een overtal bij hun controleur

met Dani de Wit en Calvin Stengs,

maar we konden hen moeizaam be-

reiken in de opbouw. (zie afbeelding

1)

‘Tegen Portugal kwamen we maar weinig onder de druk van de tegenpartij uit.
De oplossing lag onder meer in het lager opstellen van rechtsback Zeefuik en
het beter naast elkaar spelen van de twee verdedigende middenvelders (6 en 8).’

‘De hoge backs in de gele cirkels. De centrale verdedigers in de blauwe cirkels.
De verdedigende middenvelders in de oranje cirkels. Linksback Malacia is de
vrije man maar heel moeilijk bereikbaar en anders makkelijk te dekken door de
rechtsback van Mexico. Als hij lager staat is hij makkelijker aanspeelbaar. Wel
duidelijk is de 2:1-situatie bij onze aanvallende middenvelders.’

Zou onze rechtsback in zo’n geval

veel lager spelen op eigen helft en

onze rechtermiddenvelder meer naar

binnen, dan moeten hun linkermid-

denvelder en hun linksback echt kie-

zen wie ze gaan dekken en kunnen

we wel aan het opbouwen komen. In

de rust konden we dit corrigeren: de

back(s) lager, de centrale verdedigers

dichter bij elkaar en twee controle-

rende middenvelders naast elkaar

tegen hun 10 voor het positiespel in

de as. Toen dit vaker lukte, konden

we ook het overtal bij De Wit en

Stengs beter uitspelen.

Tegen Mexico scoorden we welis-

waar één doelpunt uit open spel van

achteruit, maar voor de rest was het

aan de bal echt onvoldoende. Dat lag

niet aan de (technische) uitvoering

door de spelers, maar aan de tacti-

sche positionering van onze spelers.

We wilden opbouwen met drie man:

onze twee centrale verdedigers en

een controlerende middenvelder.

Onze backs zouden hoger op het veld

positie kiezen. In de wedstrijd was

vaak de back aan de niet-balkant

de vrije man. Deze was alleen zeer

moeilijk bereikbaar. Daardoor moes-

ten we meestal de lange bal hante-

ren of kwamen we in risicovolle op-

bouwsituaties. (zie afbeelding 2)

Een tweede reden waardoor we heel

moeizaam konden opbouwen was

dat we te langzaam onze posities in-

namen. Het is ongeacht de formatie

die je kiest essentieel dat je snel in

positie komt, want anders kom je ge-

woon niet aan het opbouwen toe.

Tot de oefenwedstrijd tegen Enge-

land kwamen we opbouwend vaak

uit in 1:3:4:3. Tegen een tegenstan-

der die hoog drukzet met een vier-

kant op het middenveld en tegen

een tegenstander die laag drukzet

met een ruit op het middenveld. (zie

de afbeeldingen 3 en 4)

Marcel Groninger en ik hebben de vi-

deobeelden van onder meer de wed-

strijden tegen Mexico en Portugal

uitvoerig geanalyseerd en gingen in

conclaaf hoe wij een basisformatie

1

2

46-47-48-49-50-51-52-53_jongoranje.indd 47 10-06-20 08:50