De Voetbaltrainer 251

Pagina 56 van: De Voetbaltrainer 251

www.devoetbal trainer.nl56 achteruitgegaan. Ook al heeft een speler doorgetraind, dan nog heeft hij niet die specifieke piekkracht erop gehad. In partijvormen zit een bepaalde onvoorspelbaarheid, waar- door spelers continu moeten ...

www.devoetbal trainer.nl56

achteruitgegaan. Ook al heeft een

speler doorgetraind, dan nog heeft

hij niet die specifieke piekkracht

erop gehad. In partijvormen zit een

bepaalde onvoorspelbaarheid, waar-

door spelers continu moeten anti-

ciperen en reageren op hetgeen de

tegenstander doet. Dat betekent elke

keer weer aanzetten en afremmen.

Dat zorgt in mijn beleving ook voor

de meeste blessures. Daarom hebben

wij vanuit de KNVB aangegeven om

zo snel mogelijk weer met contact

te trainen. Dat is noodzakelijk om

specifieke voetbalconditie op te bou-

wen! Elke week dat dat niet mogelijk

was, ging de voetbalconditie verder

achteruit. Als een speler er zo lang

uit is geweest als in de coronaperi-

ode, zijn er zes weken nodig voordat

überhaupt de eerste oefenwedstrijd

weer kan worden gespeeld.’

Fase 1
Peter van Dort:
‘Daarom is het erg
belangrijk om meer aandacht te

besteden aan blessurepreventieve

programma’s, gecombineerd met

een verstandige opbouw van de

fysieke belasting. Zorg ervoor dat

deze belasting zoveel als mogelijk

is afgestemd op de individuele be-

lastbaarheid van de spelers. Juist in

deze periode zullen er binnen jouw

team grote verschillen zijn ontstaan.

Het devies hierbij is: niet te snel

gaan. Als je denkt dat je een regu-

liere voorbereiding kunt doen zoals

de afgelopen jaren, snijd je jezelf in

de vingers. De fitheid van de spelers

in september is afhankelijk van het-

geen de spelers wel of niet hebben

gedaan in de fases 1 tot en met 3.

Als spelers in fase 1 weinig hebben

gedaan, zijn ze minder belastbaar.

Dat is logisch. Daarbij komt ook

nog dat er verhoudingsgewijs meer

mensen zijn gaan thuiswerken. Dat

gebeurt veelal zittend, waardoor het

lichaam minder belastbaar wordt.

Daarmee moeten trainers rekening

houden in de opbouw van de trai-

ningsbelasting. De belasting moet

geleidelijk worden opgebouwd rich-

ting de eerste competitiewedstrijd

(op het moment van schrijven staat

deze ingepland voor begin septem-

ber, red.). Dan is er in een aantal ge-

vallen ook nog een voller competitie-

programma, door de uitbreiding van

het aantal teams in de competitie.

Hierdoor wordt de belasting hoger.

Idealiter hebben spelers in fase 1 en

2 al een trainingsprogramma gedaan

en is er voor de zomervakantie al ge-

traind, want hoe langer spelers niet

zijn belast, hoe groter de stap die

ze moeten maken. Wanneer dit niet

het geval is geweest, zal er gekeken

moeten worden wanneer de team-

trainingen kunnen starten.’

Fase 2
Peter van Dort:
‘Vanaf 11 mei, het
moment waarop volwassenen weer

konden beginnen met trainen op an-

derhalve meter, konden weer oefen-

vormen met een bal worden gedaan.

De verscheidenheid aan manieren

waarop de spelers de coronaperiode

zijn doorgekomen, is waarschijnlijk

erg groot. Daardoor is het voorko-

men van blessures en het verhogen

van de fitheid nog belangrijker dan

in de normale situatie. Zorg voor een

goede warming up en doe blessure-

preventieve oefeningen. Hoe meer

spelers hebben gedaan in de periode

maart tot en met juli, hoe minder

het (individuele) verval in belast-

baarheid. Bij het A-team zaalvoetbal

zijn we gestart met oefeningen met

weinig richtingsveranderingen en

stap voor stap werden dat trainings-

vormen met winnen en verliezen

en veel richtingsveranderingen.

Normaal gesproken ben ik een voor-

stander van onvoorspelbaarheid in

oefeningen, dat ligt immers zo dicht

mogelijk bij een wedstrijd-situatie.

Maar in de eerste trainingen na de

coronabreak hebben we dat toch be-

perkt, omdat lichaam daarop minder

was voorbereid.

Daarnaast hebben wij in de eerste

weken van fase 2 de pass- en trap-

vormen gedaan zonder schieten, al-

leen met mikken. Dat is ook een stuk

gezond verstand. Wanneer spelers

te lang niet hebben geschoten, is het

verstandig om dat de eerste weken

niet op maximale belasting te doen.

Hetzelfde geldt ook voor het duiken

van de keeper. In fysiek opzicht

stonden de trainingen in fase 2 in

het teken van het zo goed mogelijk

voorbereiden van de spelers op de

voetbalvormen uit fase 3. Tijdens

de trainingen in fase 2 probeerden

we zo dicht mogelijk bij de belasting

voor het voetbal te komen. Onder

meer door wenden, draaien en keren

te verwerken in de trainingsvormen.

Echter, het bleef nabootsen. Een

wedstrijd is veel onvoorspelbaar-

der, waardoor spelers in wedstrijd-

situaties net even wat verder gaan.

Bovendien ga je vooral beter voetbal-

len door te voetballen! In het ideale

geval zijn destijds in de oefenvor-

men alle verschillende partijvormen

(groot, middelgroot en klein) aan bod

gekomen, maar dan zonder contact.

Des te beter dit verwerkt is in de

trainingsopbouw, des te beter het

lichaam van de spelers is voorbereid

op fase 3: het trainen met contact.

Idealiter zijn teams sinds mei/juni

weer in training. Uiteindelijk volgt

een geleidelijke opbouw van het

aantal wedstrijdminuten.’

Fase 3
Peter van Dort:
‘Uiteindelijk zijn
we op 1 juli in fase 3 aangekomen,

waarin contact weer mogelijk is.

De grootste valkuil is een te grote

inhaalslag willen maken in een te

korte periode. In dat geval raken de

spelers overbelast, waardoor er veel

VOETBALONTWIKKELING

54-55-56-57-58-59-60-61-62-63_startseizoen.indd 56 22-07-20 11:40