De Voetbaltrainer 261

Pagina 7 van: De Voetbaltrainer 261

D e V o e t b a l t r a i n e r 2 6 1 2 0 2 1 7 hem helpen. Zo’n constructie zou voor jonge trainers eigenlijk ook ideaal zijn. Als je een paar jaar kunt samen- werken met een ervaren trainer zoals Huub Stevens, Dick Advocaat, ...

D e V o e t b a l t r a i n e r 2 6 1 2 0 2 1 7

hem helpen. Zo’n constructie zou voor

jonge trainers eigenlijk ook ideaal

zijn. Als je een paar jaar kunt samen-

werken met een ervaren trainer zoals

Huub Stevens, Dick Advocaat, Louis

van Gaal, Henk ten Cate, Co Adriaan-

se, waarbij je wel zelf de ruimte krijgt

om dingen te doen, dan is dat heel

waardevol. Die constructie is er niet of

mag eigenlijk niet in Nederland, ook

al zie je uit nood weleens dat zoiets

toch voorkomt. Maar ik vind dat we

daar wel wat laten liggen. Waarom

moet een hoofdtrainer alles doen? De

trainingen leiden, met de pers praten,

de wedstrijdbesprekingen doen. Je wilt

alle stafleden benutten in hun kwali-

teiten. Ik werk hier met een geweldige

staf, met mensen die stuk voor stuk

zoveel expertise hebben om aan be-

paalde taken beter invulling te geven

dan ik zelf kan. Dan ben ik toch gek

als ik daar geen gebruik van maak?’

Twee dagen na de 1-1 tegen FC Twen-

te worden enkele opvallende momen-

ten op het scherm naar voren gehaald.

Bij een 1-0 stand ziet FC Groningen

een op het eerste gezicht zuivere goal

van De Leeuw worden afgekeurd,

terwijl vervolgens FC Twente scoort

uit een eveneens discutabele situatie.

Door toedoen van een speler van de

uitploeg komt Cyril Ngonge niet in du-

el, een paar spelers van FC Groningen

appelleren en een paar tellen lager ligt

die bal er door een onoplettendheid

van Wessel Dammers in.

Appelleren
Danny Buijs:
‘Dat appelleren wat je
ziet (afbeelding 1, red.), dat mag. Maar

je moet wel doorgaan en niet blijven

kijken. Het is knullig verdedigd en dan

druk ik mij hier nu nog zachtjes uit.

Dat maakt voetbal ook zo boeiend:

je kunt als trainer-coach nog zoveel

voorzeggen en trainen, nog zo vaak

iets uitleggen, uiteindelijk ben je af-

hankelijk van de keuzes en de uitvoe-

ring in het veld.’

Door middel van video-analyse hoopt

de technische staf dat de keuzes die

spelers maken steeds beter worden.

Voor onder andere die analyses is de

Belg Maxim Wouters sinds september

2019 aangesteld. Hij verzorgt samen

met de overige trainers de video- en

data-analyses van wedstrijden van

zowel het eigen team als die van de

tegenstander. Na afloop van een wed-

strijd werkt Wouters de andere kant

op, en wordt met spelers besproken

wat goed ging en wat beter kan.

Tactisch plan
Maxim Wouters:
‘Sa-
men met de techni-

sche staf wordt voor

elk duel een tactisch

plan gesmeed, hoe

wij denken de te-

genstander te be-

strijden. Iedereen bekijkt een aantal

wedstrijden van de tegenstander en

daarna gaan we samen zitten om de

kwaliteiten en pijnpunten bloot te

leggen. Daar worden beelden bij ge-

selecteerd en op die manier proberen

we onze spelersgroep een zo duidelijk

mogelijke video te laten zien. Danny

kiest vervolgens welke beelden hij

wil gebruiken en waarbij hij zijn ver-

haal zo goed mogelijk kan vertellen.

Belangrijk hierbij is dat we vooral

zoeken naar beelden die overeenkom-

sten hebben met de wijze waarop wij

zelf willen spelen. Op basis daarvan

maken we een bespreking. Als wij

van plan zijn om 1-5-3-2 te spelen,

heeft het weinig zin om conclusies te

trekken uit een wedstrijd waarbij een

team met vier spelers achterop speelt,

omdat je dan ander gedrag ziet. En

als onze komende tegenstander tegen

Ajax speelt, dan kijken we die wed-

strijd wel maar beseffen ook dat het

gedrag in zo’n duel anders zal zijn dan

tegen ons.’

Danny Buijs: ‘We selecteren dus
afzonderlijk van elkaar beelden, en

droppen alles bij Max. Die filtert en

dan gaan we opnieuw bij elkaar zit-

ten. Doordat meerdere stafleden af-

zonderlijk van elkaar die wedstrijden

bekijken, komen we tot een zo com-

pleet mogelijke analyse. Zo ontstaat er

een sterkte-zwakteanalyse van zowel

onze ploeg als van onze komende

tegenstander. We proberen in deze

analyses ook altijd te kijken naar spel-

principes. Officieel weten we die van

een tegenstander niet altijd, maar als

je veel wedstrijden met elkaar ziet en

vooral met elkaar bespreekt, kun je

conclusies trekken.’

Een van die conclusies heeft te maken

met (details in) de speelwijze. Een

voorbeeld bij de eigen ploeg is het

spelen van ‘de riskante bal door het

midden’.

Loeren
Danny Buijs:
‘Voetbal is een vorm van
risicocalculatie. Wat kan wel en wat

kan niet? Het is niet zo dat onze cen-

trale verdedigers nooit een bal door

het midden mogen spelen, absoluut

niet. Als er een sterke middenvelder

staat die weg kan draaien, kun je ge-

neigd zijn dat toe te staan. Maar juist

uit analyses kan blijken dat het tegen

een bepaalde ploeg te riskant is en

dan willen we het niet. Ik zie wed-

strijden waarin ballen van achteruit

het middenveld in worden gespeeld

en dan denk ik: waarom doe je dat?

Sommige teams, zoals bijvoorbeeld

FC Utrecht, loeren daarop. Ze geven

je het gevoel dat die bal ertussendoor

wél kan. Maar als je je laat verleiden

en het gaat niet goed, dan profiteren

ze in de omschakeling naar aanvallen

van de ontstane ruimte. Dat is hun

kracht. Je hebt te veel mensen voor de

bal, en zij hebben met name aan de

zijkant veel snelheid en diepte, vooral

met Kerk in het verleden. FC Utrecht

Spelers van FC Groningen appelleren, waarna kort erop de 1-1 valt.

1

06-07-08-09-10-11-12-13_buijs.indd 7 13-10-21 15:00