Het traject van een voetballend kind naar een volwassen voetballer is er één van de lange termijn. Gedurende deze periode doorloopt een speler verschillende leeftijdscategorieën. Elke leeftijdscategorie met zijn eigen kenmerken en aandachtspunten. Voor een optimale ontwikkeling is het noodzakelijk dat deze aspecten in acht worden genomen. Op welke manier kan dit het beste? Aan de hand van voorbeelden uit de opleiding van AZ en die van FC Mainz wordt dat in dit artikel duidelijk.

Waarde van chaos in de opleiding bij AZ

Robert Franssen: ‘De lijn van ontwikkeling ziet er in de kern voor elke speler wel hetzelfde uit, maar wanneer precies je die stappen maakt, is per persoon verschillend en afhankelijk van je lichaam, de omgeving waarin je verkeert en andere invloeden van buiten. We stellen vast dat spelers veelal rond hun veertiende in de groeispurt komen. Vóór die leeftijd ontwikkelen ze cognitieve, motorische en technische skills het beste. In die periode is het belangrijk dat zij spelenderwijs zoveel mogelijk ervaringen opdoen, ook met andere sporten. We bieden jonge spelers dit aan in de AZ Voetbalschool.
In de onderbouw staat voor ons het voetbal in algemene zin, met of zonder doelen, op pleintjes, in huis, centraal. Kortom: wat is voetballen? We praten dan bij AZ over de leefdtijdscategorieën Onder 11 tot en met Onder 13. Daarna, in de middenbouw, leren de spelers ervaren wat het spélen van voetbal precies inhoudt. Dat behelst de teams Onder 14, Onder 15 en Onder 16. In deze fase beginnen we spelers ook te confronteren met verschillende manieren van voetballen, bijvoorbeeld in een andere formatie – overigens zonder onze spelintenties en spelprincipes geweld aan te doen. Pas daarna komen ze, in de bovenbouw oftewel de Onder 17 en Onder 18, in aanraking met wat we het typische AZ-voetbal noemen.’

leeftijdscategorieën AZ

Zoveel mogelijk variatie aanbieden

Robert Franssen: ‘Het is zaak om in de jongere leeftijdscategorieën zoveel mogelijk variatie in een training aan te brengen. Dat kan op veel verschillende manieren. Het begint bijvoorbeeld al bij de wijze waarop een bal wordt aangespeeld die aangenomen moet worden. Wanneer een training voor de buitenstaander chaotisch overkomt zonder dat het tot frustratie bij de spelers leidt (want dan wordt er doorgaans niet veel geleerd), is het vaak een goede training. De prestaties op korte termijn zullen er wellicht niet door verbeteren, maar voor de lange termijn creëer je een beter leereffect. In een training moet het ook geregeld voorkomen, nogmaals zonder dat het leidt tot ergernis bij de speler, dat iets níet lukt. Maar het doel moet toch wel zodanig dichtbij zijn, dat het wel uitdaagt om het te blijven proberen zodat het wél zal lukken. Dan ben je echt aan het leren.’

Praktische tools voor verschillende leeftijdscategorieën

Stimuleer talent voor iedereen

Onder 5 tot en met Onder 9:
1. Geen selectie. Zorg ervoor dat de training voor alle spelers van hetzelfde niveau is. Even goede trainers en even vaak per week, zodat iedereen gelijke kansen heeft.
2. Geen competitie spelen, maar twee- tot driemaal per week toernooidagen invoeren waarbij de spelers in relatief kleine vormen (5:5, 4:4, 3:3) met en tegen elkaar spelen.
3. Continu de omgeving veranderen waarin de kinderen spelen: wisselende teams waardoor ze telkens met en tegen anderen spelen, wisselende elementen zoals de spelvorm, de bal en de ondergrond.
4. Spelen op verschillende posities. Bij AZ willen we dat spelers op minimaal drie posities leren spelen.

Onder 10 tot en met Onder 13:
1. Start met selecteren wanneer een speler echt positief opvalt maar blijf iedereen evenveel aandacht en kansen geven.
2. Ook nu nog een- tot tweemaal per week een toernooivorm in kleine teams, maar ook één tot twee keer training in circuitvorm.
3. Verander ook hier doorlopend de omstandigheden: de vormen, de ondergrond en de bal.
4. Het spelen op verschillende posities blijft belangrijk.
5. Eén keer per week een wedstrijd.

Bio-bonding bij leeftijdscategorieën

Bij AZ bepalen we elke vier tot vijf weken de biologische leeftijd van een speler. Dit doen we met een test waarin we de zit- en stahoogte van een speler meten. Die uitkomsten gaan in een formule en geven de uitkomst. Indien de vereniging of de coach zich hierin verdiept, geeft dat als het gaat om een opleiding met eerlijke kansen voor iedereen een heel groot voordeel. Eén keer per week trainen we bij AZ met Onder 13, Onder 14 en Onder 15 op basis van biologische leeftijd. De teamindelingen laten we op dat moment los. De vroegrijpe speler wordt hierdoor uitgedaagd tegen fysieke gelijk ontwikkelde spelers, de laatrijpe speler kan succesmomenten ervaren tegen spelers die in dezelfde lichamelijke ontwikkelfase zitten als hij.

Leeftijdscategorieën in de voetbalopleiding van FC Mainz

Onderbouw

De trainers moeten goed beseffen dat zij in hun leeftijdscategorie slechts een bepaald gedeelte van voetbal moeten trainen. Natuurlijk moet de Onder 11 wel als een serieus voetbalelftal op het veld staan en moet er een bepaalde organisatie zijn, maar dat staat niet centraal bij deze groep. Trainers van dit team, maar ook nog die van de Onder 12 en Onder 13, moeten zich realiseren die zij door technische en coördinatieve vaardigheden aan te leren de basis leggen voor de verdere ontwikkeling van de spelers. Als zij te veel tijd aan teamtactiek besteden, vergooien ze momenten die ze kunnen besteden aan het ontwikkelen van het zwakke been, het aannemen en meenemen van de bal, het koppen et cetera. Per maand krijgen de trainers de onderwerpen door die ze moeten trainen. Daarbinnen maken zij dan uiteraard hun eigen keuzes qua vormen. Daarbij is de benadering zeer individueel en verwachten we van het kind niet dat het al veel verder kan kijken dan zijn eigen rol.’

Middenbouw

‘In de Middenbouw hebben we natuurlijk te maken met grote lichamelijke verschillen tussen spelers, waardoor de individualisering van steeds groter belang wordt. De spelers worden voor het seizoen uitgebreid medisch onderzocht, waarbij ook grote aandacht bestaat voor houdings- en bewegingsafwijkingen. Die kunnen bijvoorbeeld hun oorsprong vinden in kortere spieren. Het is voor onze trainers zaak om in samenwerking met de fysiektrainer rekening te houden met dit soort zaken. Binnen deze mogelijkheden scholen we de spelers verder in hun technische vaardigheden. In deze leeftijdsgroepen (Onder 12 tot en met Onder 15) is het duel 1:1 heel belangrijk. Verder komen teamtactische zaken aan de orde. De spelers leren hier voor het eerst echt samenwerken, zowel in aanvallend als verdedigend opzicht.’

Bovenbouw

‘In de Bovenbouw (Onder 16 tot en met Onder 23) staat het team centraal. De spelers leren nu samen aan een optimale wedstrijdprestatie te werken. Alle tactische varianten komen aan de orde, met daarbij de manier waarop we daarmee bij Mainz 05 omgaan. En uiteraard houden we ook hier weer rekening met individuele, vooral fysieke, verschillen. Vanaf Onder 16 geven we, in het kader van individualisering, specifieke positietraining. Zowel tactisch als qua techniek die juist bij deze positie behoort, trainen spelers die hiervoor in aanmerking komen heel gericht. We beginnen ermee vanaf Onder 16 omdat we zien dat pas hier spelers zich werkelijk op één of twee posities gaan richten. We houden dit vol tot en met de Onder 19. In onze opleiding speelt lichamelijke ontwikkeling een enorm grote rol. Dat bouwen we op en elke speler wordt heel goed getest. Als je niet topfit bent in het huidige voetbal, maakt het eigenlijk niet meer hoe goed je technisch en tactisch bent. Je wordt eenvoudigweg voorbij gelopen. Wie lichamelijk niet top is, valt buiten de boot. Al onze spelers worden tweemaal per jaar door de trainers beoordeeld. Die beoordeling vloeit voort uit alle informatie die de elftaltrainer binnen krijgt van zijn collega’s die, elk op zijn specifieke terrein, ook met de speler aan het werk zijn. Die informatie halen we uit ons spelervolgsysteem ‘Kickers Eleven’, waarin alles over de trainingen en de wedstrijden die de speler heeft afgewerkt, wordt opgeslagen. Behalve de beoordelingen praten we tweemaal per jaar met de speler en zijn ouders om de voortgang en zijn perspectieven te bespreken. Tot slot zijn er de tussentijdse feedbackgesprekken die elke speler met zijn trainer heeft. We staan doorlopend met de voetballer en zijn omgeving in contact.’

CoachVak

In CoachVak vind je een archief vol met artikelen uit oude vakbladedities, met een handige zoekfunctie op onderwerp en leeftijdsgroep.