Onder de bezielende leiding van Dick Lukkien promoveerde FC Emmen in mei van dit jaar voor het eerst in de clubgeschiedenis naar de Eredivisie. Emmen treedt aan in verschillende formaties, maar speelt toch altijd op dezelfde kenmerkende wijze: een verzorgde opbouw, veel positiewisselingen en een gedisciplineerd verdedigend blok. Welke spelprincipes staan aan de basis van deze manier van spelen? Dick Lukkien vertelt erover in gesprek met De Voetbaltrainer.

In onze special over dit onderwerp (De Voetbaltrainer 233) definiëren we spelprincipes als tactische richtlijnen voor spelers die altijd gelden, ongeacht de situatie in het veld. Strookt die definitie met die van u?

Dick Lukkien: ‘Ja, daar kan ik me goed in vinden. Een groot voordeel ervan vind ik dat je gericht werkt aan de lange termijn. Specifieke aanwijzingen en tactische keuzes per wedstrijd kunnen heel effectief zijn, maar wel vooral in die ene wedstrijd, op dat ene moment. Door te werken aan je spelprincipes ontwikkel je het team op de lange termijn. Spelers die oppikken wat je uitlegt, kunnen dit het hele seizoen gebruiken. Je wilt dat spelers betere keuzes maken gebaseerd op je principes. Natuurlijk vul je die altijd aan met wat gerichte informatie, want uiteindelijk gaat het om winnen. Maar de spelprincipes vormen daarvoor wel de basis en zijn van enorme waarde op de lange termijn.

Ik zie meer voordelen van werken met spelprincipes als basis. Als trainers kunnen wij het eindeloos hebben over bepaalde spelsituaties en over al die situaties hebben we wel een gefundeerde mening. Voor spelers geldt dat logischerwijs niet. Wat je wilt is met spelers zo diep mogelijk op voetbal ingaan, maar het toch zo simpel mogelijk voor ze houden. Daar helpen principes heel erg bij, vind ik. ‘De as dichthouden’ is bijvoorbeeld heel simpel en je kunt het in iedere vorm terug laten komen. Het vormt bovendien een startpunt om dieper op de materie in te gaan en specifieke situaties met ze te bespreken.

Principes stellen je ook beter in staat om in verschillende formaties te spelen. Formaties zijn voor mij ondergeschikt aan principes. Dit geeft ons de kans om een formatie te kiezen die op dat moment het best bij de spelers past. We kijken naar de selectie en proberen onze beste spelers op posities neer te zetten waarop ze het best renderen. We spelen regelmatig 1:4:4:2 met een vierkant op het middenveld, maar ook wel met een ruit. En we hebben regelmatig 1:3:5:2 gespeeld. Qua formatie zijn we heel flexibel.

Veel spelers vinden het heel prettig om met principes te werken. Een speler als Jeroen Veldmate kan een principe in het veld heel snel vertalen naar de betreffende situatie. Andere spelers hebben daar meer moeite mee. Iedereen neemt informatie anders tot zich en steekt anders in elkaar. Alexander Bannink heeft bijvoorbeeld een voorkeur voor concrete opdrachten. ‘Als dit gebeurt, doe jij dat.’ Ook voor hem vormen de spelprincipes de basis. Maar daarbij geven we een hem in bepaalde situaties wel iets meer aanwijzingen die betrekking hebben op specifieke spelsituaties.’

Vanaf wanneer vormen spelprincipes de basis voor uw speelwijze?

‘Bewust nog niet zo lang, onbewust al lange tijd. Ik heb als trainer heel lang vooral op gevoel gewerkt. Het bewust benoemen van principes helpt me om mijn gevoel een plek te geven, om concreter te maken wat ik precies wil. Een huidig principe van ons is dat we altijd plus één op het middenveld willen creëren. Dat deed ik ook al in mijn tijd als speler. Niet omdat het een principe was, maar omdat ik dat handig vond. Ik zag dat het werkte. Dingen die bij je passen, die je al langere tijd toepast, maak je met principes concreter voor jezelf en simpeler voor spelers. Begin vorig seizoen heb ik alle spelprincipes voor het eerst op papier gezet. In de tussentijd heb ik ze wat bijgeschaafd, want je blijft je natuurlijk altijd ontwikkelen. Je laat een principe afvallen, voegt er eentje toe of schrijft ‘m net wat anders uit.

In het kiezen van principes is de eerste stap dat je zelf goed weet wat je wilt, en dat je dat vertaalt naar de spelers die je hebt. Je kunt wel willen dat je altijd onder druk opbouwt, maar als je twee centrale verdedigers hebt die dit niet kunnen, dan moet je daar misschien van afstappen. Daarna is het een kwestie van de principes zo goed mogelijk overbrengen. Dat gaat makkelijker als de spelers ook achter je principes staan. Ik heb het er dan ook regelmatig met ze over en vraag ze naar hun mening. Eventueel kun je op basis van zulke gesprekjes kleine aanpassingen doen. Hoe meer de spelers achter de principes staan, hoe meer ze elkaar er ook op corrigeren en aanspreken.’

Verdedigende principes

  • We houden de as dicht en dwingen de tegenstander naar de zijkant
  • Beweegt de bal, dan bewegen we als team in die richting mee
  • We spelen agressieve pressing, variërend in hoogte
  • We spelen compact, zowel in de lengte als de breedte
  • Staan we in ondertal, dan houden we de tegenstander op

Omschakelen na balverovering

  • We zorgen voor dreiging in de diepte met loopacties van minimaal twee spelers

Aanvallende principes

  • We willen een overtal creëren en uitspelen in de opbouw
  • We zorgen voor veel spelers in de buurt van de bal
  • Bij het voorbereiden van kansen zorgen we voor intensiteit en tempo
  • We willen overlapping en dieptedreiging aan balkant en contrakant
  • We stellen de tegenstander voorkeuzes in een dynamische veldbezetting

Omschakeling na balverlies

  • Tegenpressing als we minimaal gelijke aantallen hebben in de buurt van de bal
  • We houden de tegenstander op en plooien terug als we in ondertal staan

Dit zijn enkele fragmenten uit het artikel met Dick Lukkien in VT233. Wil je meer lezen over spelprincipes, dan kan dat in dit e-book over dit onderwerp.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.