In voetbal probeer je de wedstrijd te winnen. Dat is zo helder als glas. Dan is het prettig wanneer je de sterkste ploeg hebt. Maar om spelers te ontwikkelen, blijkt dat niet altijd een voordeel. Neem nu de verdedigers van Ajax, die in hun jeugd vrijwel nooit onder maximale druk spelen. Wat doe je dan om die talenten alsnog met de juiste weerstand te confronteren? Aan het woord Jong Ajax-trainers Andries Ulderink en Jaap Stam, de laatste ervaringsdeskundige bij uitstek.
De wet van de remmende voorsprong, dus. “Het is echt een probleem waar we doorlopend mee geconfronteerd worden”, zeggen Ulderink en Stam tijdens het Trainerscongres in Zwolle, waar zij de afsluiting van het programma verzorgden: “Bij Ajax, zoals bij de andere topclubs in Nederland, beschikken we doorgaans over de beste jonge spelers die in de betreffende leeftijdscategorieën te vinden zijn. Dus vallen we doorgaans aan, en hoeven we maar weinig te verdedigen. Zijn we de bal kwijt, hebben we hem vaak snel weer terug. Dit betekent dat we andere manieren moeten vinden om verdedigen door onze verdedigers goed te ontwikkelen. Het spelen van zo veel mogelijk wedstrijden tegen sterke buitenlandse clubs is dan een mogelijkheid.”
Een volgend aspect dat bij Jong Ajax aandacht verdient, is het omschakelen naar aanvallen: “Je ziet heel regelmatig dat we de bal veroveren, maar dan verzuimen om snel gebruik te maken van de ruimtes die er wel degelijk liggen. Spelers, met name backs, willen dan nog wel eens te weinig initiatief nemen en te terughoudend zijn in hun loopacties. We neigen ernaar vooral ‘in de bal’ te spelen in plaats van in de diepte. De aanvallers lijken dan te vaak toeschouwers, zij wachten op wat er achterin en op het middenveld gebeurt in plaats van dat ze zelf direct afspeelmogelijkheden bieden.”
