In elk voetbalelftal zitten gemiddeld één of twee jongeren die dag-in-dag-uit een zware wedstrijd spelen. Niet op het veld, maar in hun hoofd. Als Senior Medewerker Voetbalontwikkeling bij de KNVB werkt Joeri Houniet samen met andere collega’s dagelijks aan de vraag hoe trainer-coaches die onzichtbare blessure kunnen herkennen en bespreekbaar kunnen maken. De KNVB sloeg daarvoor de handen ineen met zorgverzekeraar Zilveren Kruis, en lanceerde het programma De Onzichtbare Blessure. Een gesprek over taboes, signalen, onderzoekscijfers en de coach als schakel in de mentale gezondheid van jongeren.
Dit stuk bevat passages uit een groter artikel uit De Voetbaltrainer 298.
Onzichtbaar
Hoe groot zijn de mentale problemen onder jongeren?
Joeri Houniet: ‘Het vertrekpunt is een getal dat je even moet laten bezinken: één op de zeven jongeren heeft te maken met mentale uitdagingen. Dat is geen overdreven cijfer, het komt uit de Gezondheidsmonitor Jeugd van GGD GHOR Nederland en het RIVM (2021), uit rapporten van het Trimbos-instituut over de periode na de coronapandemie, en uit onderzoek van MIND Us en het Sociaal en Cultureel Planbureau. De consistente bevinding uit al die onderzoeken: ergens tussen de 15 en 20 procent van de Nederlandse jongeren kampt structureel met mentale klachten. Als je dat vertaalt naar een voetbalteam van veertien spelers, dan heb je het over minstens twee jonge mensen in jouw team die worstelen met iets wat je van de buitenkant niet ziet. Niet een enkelblessure of een gescheurde hamstring, maar stress, prestatiedruk, eenzaamheid, somberheid of in ernstigere gevallen een burn-out of erger.’

Taboe
Hoe uit dit probleem zich op de voetbalclub?
‘Ondanks dat mentale klachten vaak voorkomen, blijft de drempel om erover te praten hoog. Er heerst nog altijd een groot taboe rondom mentale gezondheid. Als iemand je vraagt hoe het gaat, zeg je ‘prima’, ook als dat niet zo is. Op de voetbalclub is dat niet anders. Die cultuur is hardnekkig, zeker in een omgeving die van oudsher stoerheid en doorzettingsver- mogen op een voetstuk plaatst. De nulmeting van Motivaction maakte het taboe meetbaar. Slechts een kwart van de jongeren (25 procent) gaf aan vaak met vrienden over de eigen mentale gezondheid te praten. Zevenentwintig procent voelde ruimte om dat binnen het team of de club te doen. Nog geen drie op de tien (29 procent) had de intentie om dat gesprek in de toekomst vaker aan te gaan.’
Bescheiden positief effect
Na de campagne (uitgevoerd in oktober 2025, in het begin van het voetbalseizoen) laten de eerste metingen een bescheiden maar significant positief effect zien:
- 72 procent → 79 procent vindt dat sporters zich vrij moeten voelen om binnen een team/club te praten over mentale gezondheid (houding)
- 29 procent → 36 procent is van plan om in de toekomst (vaker) met anderen te praten over mentale gezondheid (gedragsintentie)
- 25 procent → 30 procent praat al vaak met vrienden over de eigen mentale gezondheid (gedrag)
Dit zijn geen dramatische sprongen. Maar voor diepgeworteld gedrag, in een periode van slechts enkele maanden, is dit betekenisvol. We zitten nog maar aan het begin van een vijfjarig traject.’

Leer van de beste trainers
- Acht keer per jaar op de mat
- Interviews, oefenstof en analyses
- Korting op online cursussen
- LCD Tactiekbord Voetbal cadeau
- Inclusief abonnement op CoachVak
- Inclusief abonnement op VBT Basis
