Ondanks bloedhitte: tempo bij hoekschoppen!

| Paul Geerars | Nieuws

Frankrijk speelde dit WK in de bloedhitte van Philadelphia tegen Paraguay. Het werd een vechtwedstrijd van de bovenste plank, waar het Zuid-Amerikaanse land de grenzen van het toelaatbare opzocht. Al in een vroegtijdig stadium werd het tempo bewust uit de wedstrijd gehaald, bijvoorbeeld door de keeper bij al zijn spelhervattingen. Tegenwoordig heeft de scheidsrechter dan een dwangmiddel door demonstratief te gaan tellen, maar toch. Het signaal werd duidelijk afgegeven. Wat stelde de bovenliggende partij, Frankrijk, daar tegenover? Één ding viel daarbij heel duidelijk op: het tempo bij het nemen van hun twaalf hoekschoppen tot aan de voorsprong (penalty Mbappé in de 70e minuut). Toeval of niet, daarna kregen ze ook geen corners meer te nemen.

Waar spelhervattingen (mee) ook nog wel eens worden ervaren als moment om even op adem te komen, was dat bij Frankrijk tegen Paraguay geheel niet het geval. Nee, het was duidelijk afgesproken dat de tegenpartij juist op die momenten nog eens extra de duimschroeven zou worden aangedraaid. Het kwam zelfs voor dat het eigen team nog niet eens geheel klaarstond. Misschien niet optimaal, maar toch.

Minuut 17.26: de hoekschop is verdiend. De bal wordt snel opgepakt en neergelegd.

Nog geen zeven seconden later is de hoekschop al (kort) genomen. De keeper en een verdediger hebben het in de gaten, maar twee andere spelers van Paraguay lopen nog met hun rug richting de bal naar hun verdedigende posities. Gezien de ontbrekende doelbezetting lijkt ook Frankrijk zelf nog niet helemaal klaar te staan. Maar het signaal is gegeven: wij houden het tempo erin!

Het meest extreme voorbeeld van ‘snel nemen terwijl de tegenpartij nog niet klaarstaat’ speelde zich af in de 51e minuut. Al dan niet na een vermeende handsbal mocht Frankrijk een hoekschop nemen. Mbappé deed dat extreem snel.

Door het extreem snel nemen van de hoekschop door Mbappé komt zijn teamgenoot Ousmane Dembélé oog in oog met de keeper van de tegenpartij.

Het tempo maken bij de twaalf hoekschoppen staat in enig contrast met de uitspraken die voorafgaand aan het toernooi vanuit het Nederlandse kamp kwamen en vrij vertaald neerkwamen op “Je kunt in die omstandigheden niet negentig minuten lang hetzelfde hoge tempo en dezelfde intensiteit in het drukzetten volhouden. Je moet momenten kiezen waarop je druk zet en momenten waarop je compacter speelt.” Misschien heeft Frankrijk voldoende gehad aan de door Paraguay gecreëerde ‘rustmomenten’, maar zelf had het geen enkele behoefte hieraan mee te werken. Ook al werd gespeeld in een temperatuur van rond de veertig graden en volle zon.

Over de uitvoering van de hoekschoppen door Frankrijk valt vanalles te zeggen (lees: is voor verbetering vatbaar), maar dat bewaren ze wellicht voor verderop in het toernooi. Het gaat nu even om de intentie waarmee je in het veld stapt en welk signaal je aan de tegenpartij geeft. Van de twaalf hoekschoppen werden er acht ‘lang’ voorgegeven en vier stuks werden kort genomen. Dat laatste is ook geen toeval, want vaker dan die vier keren kort werd afgetast of ze hem kort konden uitvoeren, maar kozen ze alsnog voor de lange variant.

Frankrijk heeft een tweede speler om de hoekschop eventueel kort te nemen. Daardoor worden ‘anderhalve’ speler uit het zestienmetergebied weggetrokken.

Frankrijk heeft een tweede speler om de hoekschop eventueel kort te nemen. In dit voorbeeld uit de tweede helft worden daarmee twee spelers uit het zestienmetergebied weggetrokken voor de hoekschop die alsnog lang wordt genomen.

Een aantal jaren geleden sprak De Voetbaltrainer met specialist Nikos Overheul over onder meer dit subthema (artikel in zijn geheel te lezen in CoachVak):

U zegt dat u altijd een extra speler bij de cornernemer zet. Is dat om er twee spelers van de tegenstander naartoe te lokken?

Nikos Overheul: ‘Het is om de tegenstander met een probleem op te zadelen. Er zijn drie mogelijkheden. De eerste is dat ze er niemand naartoe sturen. Dan kun je de corner kort nemen en richting het zestienmetergebied dribbelen. Sturen ze er één speler naartoe, dan kun je 2:1 uitspelen. Gaan ze met twee spelers naar de hoek toe, dan heb je met één extra speler twee tegenstanders gelokt en is er meer ruimte voor de goal. Het is ook relevant wie je ernaartoe stuurt. Wordt de corner aan de rechterkant genomen, dan heeft een rechtsbenige speler de voorkeur. En het liefst een slechte kopper. Bij Ajax zou dat bijvoorbeeld Amin Younes zijn. Hij kan aangespeeld worden en in een 2:1-situatie kiezen voor de bal op de cornernemer, die een omloopactie maakt (afbeelding 3a), of de bal zelf voorgeven (afbeelding 3b). Zou je ook nog iemand op punt-strafschopgebied zetten, bij voorkeur een linkspoot, dan heb je nog een extra mogelijkheid om tot een schot te komen (afbeelding 3c).

Wat veel tegenstanders doen, is er één speler naartoe sturen en één speler (vaak die op punt-vijfmeter), half-half laten staan om te assisteren waar nodig. In dat geval zou ik de bal altijd kort laten nemen. Zo lok je hem naar je toe. Geef je alsnog een voorzet, dan is de zone bij punt-vijfmeter niet meer bezet en daar kun je van profiteren. Het zal ook een keer fout gaan, maar op lange termijn zorg je er wel voor dat de tegenstander de eigen defensieve organisatie verlaat. Je kunt hem ook weglokken met een loopactie van een speler die voor de goal staat. Die loopt voor de keeper langs, parallel aan de achterlijn richting de hoek om de bal te vragen (afbeelding 4). De speler op punt-vijfmeter moet in luttele seconden een keuze maken en daartoe wil je hem dwingen. Loopt hij mee, dan komt er ruimte.”

Het wordt interessant om te zien hoe de hoekschoppen van Frankrijk zich verderop in het toernooi doorontwikkelen. En wat ze doen als ze eenmaal op voorsprong staan.

E-learning ‘Spelhervattingen’

Ontwikkel je als trainer verder met de e-learning Spelhervattingen. Vergroot je kennis over aanvallende en verdedigende spelhervattingen en leer hoe je deze gericht kunt trainen en coachen met behulp van wedstrijdbeelden, theorie en praktische trainingsvormen.