Het is een gevleugelde uitspraak onder trainers: voetbalwedstrijden worden beslist in omschakelmomenten. Daar zit zeker een kern van waarheid in. Staat het ene team met elf spelers achter de bal, dan is het lastig om als aanvallende team tot grote kansen te komen. Direct na balverlies of balverovering ligt er juist veel meer ruimte. Hoe kun je je team als trainer zo goed mogelijk voorbereiden op de omschakeling?

Cursus omschakelen

In het vervolg van dit artikel vind je veel basisinformatie over omschakelen. Maar wil je écht de diepte ingaan, dan willen we je verwijzen naar deze e-learning over dit onderwerp, met docent René Hake (FC Utrecht). Je volgt de cursus vanuit huis, in je eigen tijd, en verdient er drie KNVB-studiepunten mee.

Volg cursus >>

Fases van het spel

Voetbal kent vier* fases, die elkaar steeds opvolgen.

  • Aanvallen
  • Omschakelen naar verdedigen
  • Verdedigen
  • Omschakelen naar aanvallen
Afbeelding uit KNVB-video ‘Visie op het beter (leren) voetballen

Valt het ene team aan, dan verdedigt het andere team. Is er sprake van deze fases, dan is de situatie vaak ‘georganiseerd’. Dat wil zeggen: spelers staan vaak in de gewenste positie en beide teams zijn bezig met het uitvoeren van de afgesproken spelprincipes en spelpatronen.

Omschakelen gaat om de fase waarin georganiseerde situaties overgaan in ongeorganiseerde situaties: in de korte periode direct na balverlies (van het ene team) en balverovering (van het andere team).

Dan is er vaak meer chaos op het veld. De reden is simpel: spelers nemen tijdens het aanvallen een andere positie in dan tijdens het verdedigen. Denk aan een back die hoog aan de zijlijn aanvalt en in de laatste lijn verdedigt. Balverlies, of balverovering, zorgt er dus voor dat ze tijdelijk op de verkeerde plek te vinden zijn.

* Sommige trainers zien spelhervattingen als een vijfde fase, andere trainers rekenen het ‘onder’ aanvallen en verdedigen. Voor beide valt wat te zeggen.

Omschakelen naar aanvallen

Veel teams en trainers zijn het er wel over eens wat de eerste intentie zou moeten zijn direct na balverovering. Naar voren! Hieronder vind je enkele spelprincipes die veel worden gebruikt in de omschakeling naar aanvallen.

  • De eerste pass direct vooruit.
  • Diepte voor breedte.
  • Binnen acht seconden tot een kans komen.
  • Diep gaan, diepte spelen.

Wat is daarvoor nodig? Als een speler de bal in de omschakeling vrij heeft liggen, met tijd en ruimte, kan hij direct vooruit spelen. Dat kan door een medespeler te zoeken, met een pass, maar ook door de bal bij zich te houden, in de vorm van een dribbel.

Maar vaak is dat niet mogelijk. De tegenstander verliest de bal en zet direct druk. Dan is er doorgaans een tussenpass nodig. Oftewel, eerst een iets kortere pass, om vanuit de drukte naar de vrije ruimte te spelen. En dan een dieptepass, om zo snel mogelijk richting het doel van de tegenstander te spelen.

Balbezit houden

Direct naar het doel van de tegenstander toe spelen is uiteraard een logisch doel in de omschakeling, maar dat is niet altijd mogelijk. Bovendien vraagt een wedstrijd er soms om dat spelers even temporiseren: afwisselen tussen direct spel richting het doel en geduldig rondspelen om even op adem te komen. Daarom kan het – in bepaalde situaties – ook slim zijn om na balverovering even op safe te spelen.

Trainbaar maken

Een mooi voorbeeld van een oefenvorm om het omschakelen naar aanvallen trainbaar te maken, is deze countervorm van PSV. Het rode team start rond de middenlijn in een rondo 4:2. Verovert geel de bal, dan mogen zij scoren op het grote doel. Dit gebeurt in een overtal 5:3 plus keeper.

Omschakelen naar verdedigen

Agressief drukzetten op de bal in de eerste seconden na balverlies is onder steeds meer teams een vaste afspraak. Daar horen termen bij als ‘vijfsecondenregel‘, ‘counterpressing‘ en ‘gegenpressing‘. In beginsel komt dit op hetzelfde neer: de tegenstander massaal afjagen direct na balverlies.

Dit biedt allerlei voordelen.

  • Op het moment van balverlies sta je als het goed is met veel spelers in de zone waar je de bal verliest, wat pressen makkelijker maakt.
  • Als de tegenstander de bal net verliest, staan ze nog niet weer in de gewenste organisatie. Dat maakt het makkelijker om de bal direct weer af te pakken.
  • Herover je direct de bal, dan deel je mentaal een klap uit aan de tegenstander, die eindelijk weer aan aanvallen kon denken.
  • Herover je direct de bal, dan was de tegenstander net bezig met counteren, waardoor er ineens ruimtes zijn ontstaan in hun defensieve organisatie.

Om de vijfsecondenregel goed uit te voeren, zijn de volgende dingen belangrijk.

  • De organisatie op het moment van balverlies: veel spelers rondom de bal en een goede restverdediging.
  • De reactiesnelheid: geen ‘rouwmoment’, maar direct richting de bal bewegen zonder kostbare tijd te verliezen.
  • De intensiteit van drukzetten, op een zo hoog mogelijk tempo. De snelheid van pressen moet hoog zijn.

In de omschakeling naar verdedigen kun je met je spelers eventueel verschillende taken bespreken. Daarin kun je voor afwisseling zorgen tussen ‘druk op de bal zetten’, ‘passlijnen afschermen’ en ’tegenstanders dekken’. In dit artikel vind je meer informatie over deze verschillende taken.

Weer achter de bal komen

Een alternatief voor direct druk op de bal zetten is als team zo snel mogelijk weer tussen de bal en het eigen doel komen. De nadruk ligt niet op heroveren maar op tegendoelpunten voorkomen. De richting van sprinten is anders: niet richting de bal gericht, maar richting het eigen doel.

Deze manier van omschakelen na balverlies is minder risicovol. Zet je druk op de bal, maar speelt de tegenstander hier onderuit, dan ligt het veld open. Dat is bij ‘weer achter de bal komen’ niet het geval.

Een nadeel is wel dat het lastig is om wedstrijden te domineren. Balverlies betekent terug naar eigen helft en geduldig op een moment wachten om de bal weer te heroveren. Dat past niet bij ieder team.

Trainbaar maken

Een oefening om te trainen op omschakelen naar verdedigen, is deze vorm van Julian Nagelsmann. De regels zorgen ervoor dat het team dat de bal verliest ontzettend snel moet schakelen om zo een tegendoelpunt te voorkomen.

Omschakelen

Zoals eerder gezegd: dit is de basis. Om je echt te verdiepen in dit onderwerp, hebben we de e-learning over omschakelen ontwikkeld. Daarin leer je aan de hand van wedstrijdbeelden, trainingsvormen en magneetbordsessies alles over dit thema.

Volg cursus >>